Hilversum in vroeger tijden (deel 6)

door Edward Bary


Geschiedenis van Post T en de eerdere seinhuizen

Vroeger waren er veel mensen betrokken bij het regelen van de treindienst. Zo waren in Hilversum vier seinhuizen nodig voor de bediening van de seinen en wissels, alsmede een aantal wachtposten voor de bediening van de overwegen. Tegenwoordig gebeurt het grootste deel automatisch. De treindienstleider zit op kilometers afstand achter een paar beeldschermen. Over hoe het er vroeger aan toeging kunt u hieronder lezen.

Een markant object uit het Hilversumse straatbeeld is verdwenen: het zandgele gebouwtje aan de spoorwegovergang in de Larenseweg/Stationsstraat zou begin 2008 - na 50 jaar dienst - gesloopt worden als gevolg van de nieuwe sporenlay-out die ontstaat door de tunnelbouw onder het station en de aanleg van het derde perron (zie thema Ombouw Hilversum).

Dit sein- en relaishuis heeft dienst­gedaan van 2 maart 1959 tot 16 december 1996. Sindsdien vond de bediening van de wissels en seinen op het emplacement, inclusief de bediening van de overweg, plaats vanuit Amersfoort. Het gebouw bevatte een bedieningsruimte voor de treindienstleider (post T) en een technische ruimte voor de relaisapparatuur. Die was daarna nog steeds operationeel; na verplaatsing hiervan en het onderbrengen ervan in een nieuw beveiligingssysteem, VPI (Vital Processor Interlocking), kon het seinhuis gesloopt worden en kwam ruimte vrij voor verlenging van de perrons. Bij het in gebruik komen van de nieuwe tunnel zou ook de overweg komen te vervallen.


Hilversum, 5 januari 1971. Loc 1003 passeert Post T. Foto Nico Spilt.


Hilversum, Post T. Op 14 april 2007 met een omgeleide ICE, op 9 mei 2007 met loc 6430 uit Amsterdam,
op 30 juni 2007 met ACTS-loc 5814 richting Amersfoort. Foto's Henk Koster.


Hilversum, 30 juni 2007. De uitrijseinen 16 en 18. Rechts daarvan een tachymeter. Vanuit Post T werden ook de spoorbomen bediend; het bedienpaneel stond achter het linkerraam. Sinds december 1996 vindt de bediening plaats vanuit Amersfoort. Foto Henk Koster.

Amersfoort, 10 juni 2007. Bedienpost van de overweg in Hilversum. Animatie op basis van foto's
van Henk Koster. Zie ook het thema Overwegen.


Historie

In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog werd door NS volop gewerkt aan de wederopbouw van door oorlogsschade vernielde railinfrastructuur. Bruggen, stationsgebouwen, emplacementen en bovenleidingen werden in snel tempo hersteld en weer bruikbaar gemaakt. Het station Hilversum en het emplacement hebben nauwelijks oorlogsschade geleden.

Vanaf 1950 kwam ruimte en geld beschikbaar om het Nederlandse spoorwegnet te moderniseren. Het ingevoerde seinstelsel 1954, de invoering van moderne daglichtseinen (i.p.v. mechanische armseinen), spoordetectie, relaistechniek en de invoering van (halve) automatische overwegbomen (ahobs) maakten het mogelijk ook de beveiliging te moderniseren. In de tweede helft van de jaren vijftig werd de beveiliging bij NS op grote schaal gemoderniseerd. Zo werd vanuit Amerika (waarop Nederland in die tijd sterk georiŽnteerd was in het kader van de Marshallhulp, zie bronvermelding) de moderne stationsrelaisbeveiliging met het centraal gestuurde NX-bedieningssysteem en seinen met lampen, de zogenaamde daglichtseinen geÔntroduceerd.

Vrijwel alle stations bij NS kregen (vroeger of later) deze moderne beveiliging of de vereenvoudigde (en goedkopere) vorm daarvan, AR (All Relayed). Door de centrale bediening van emplacementen kwamen veel mechanische seinhuizen en wachtposten te vervallen en werden gesloopt. In de personeelskosten kon daardoor aanzienlijk bespaard worden: centrale seinhuizen behoefden minder personeel dan de vele mechanische seinhuizen en wacht- en blokposten. Ook de invoering van het automatisch blokstelsel speelde daarbij een belangrijke rol.


Gezicht op het emplacement Hilversum, gefotografeerd voor 1921. In de verte nadert een trein uit Amsterdam, mogelijk getrokken door een loc uit de serie 350-408 van de HSM (later NS 1601-1659). Prentbriefkaart collectie Adriaan Pothuizen.


De (stoom)tractieterreinen maakten diverse ontwikkelingen door. In en om de locloods was al lang geleden het nodige gewijzigd, in of voor 1936 deels verhuurd. In 1936 werden twee kolenparken opgeruimd, en de loods werd in 1940 ingericht tot werkplaats elektrische tractie, in 1949 verder ingericht tot magazijn en werkplaats. In 1953 is de polygonale locomotiefloods (kwart-ronde vorm) met zijn voorzieningen gesloopt, evenals de draaischijf (maandrapport december 1953). De draaischijf was waarschijnlijk al in augustus 1953 verdwenen. Het emplacement is toen verder aangepast.

Bij de modernisering speelde ook het feit, dat het stoomtijdperk bij NS op zijn eind liep. De Gooilijn was al in 1946 geŽlektrificeerd (opening met feesttrein op 31 mei, start exploitatie 3 juni) en het depot voor stoomlocomotieven in Hilversum kreeg steeds minder functie. Het Oosterspoorplein werd opnieuw ingericht en het station kreeg aan de oostzijde in 1954 een nieuw, tweede toegangsgebouw (architect Ir. K. van der Gaast c.s.) en (verlengde) tunnel naar de perrons. Die nieuwe (sporen)situatie vormde de basis voor de nieuw te ontwerpen NX-beveiliging. Langs kopspoor 8 kwam een perron voor rijwielverlading.


Hilversum, juni 1971. Het toegangsgebouw aan het Oosterspoorplein dateert uit 1954 (een vroeg ontwerp van Van der Gaast) en is bedoeld voor de Hilversummers die "over het spoor" wonen. Foto Nico Spilt.


Hilversum, 23 september 1967. De al in 1966 afgevoerde mP 9212 werd toch nog gebruikt als wegleervoertuig. Het motorrijtuig staat hier als trein 23204mP op spoor 5b. Rechts het rijwielperron langs kopspoor 8. Op de achtergrond is het stootjuk hiervan nog te zien. Foto Adriaan Pothuizen.


Architectuur

Dit type gebouwtjes was qua architectuur standaard voor NS in die jaren. Ze stonden ook op andere, vrij eenvoudige stations (o.a. Delft, Uitgeest, Acht, Vlissingen, Goes). De NS typeaanduiding voor dit seinhuis is Sein-Relaishuis SR 2-7.

De kenmerken van de post zijn dat het een nagenoeg vierkante post met plat dak is en een iets uitkragende raampartij. In de raampartij zijn twee varianten, namelijk vertikaal geplaatste ramen (Goes en Vlissingen) en schuin geplaatste (overige posten). Verder zijn van dit type nog exemplaren gebouwd te Oud Zwijndrecht en Naarden-Bussum, maar deze hebben een andere typeaanduiding. Die te Oud Zwijndrecht, die ook verticale ramen heeft, wordt aangeduid met SR 2-4 en die te Naarden-Bussum met SR 2-8 (is langer type dan SR 2-7).

De tekeningen en de bouwaanvraag van het seinrelaishuis type SR 2-7 te Hilversum staan op naam van architect ir. K. van der Gaast (Het Utrechts Archief, archieftoegangsnummer: 960, inventarismap nr. 171). De feitelijke architect was S.H. Krudde die als rechterhand van Van der Gaast veel van dergelijk ontwerp- en tekenwerk deed en ook de bouwleiding had over veel sein- en relaishuizen tussen Diemen en Baarn in die jaren.

De sein- en relaishuizen in Hilversum en Naarden-Bussum werden gebouwd door NV Aannemersbedrijf Schipper & Meijerink uit Hengelo (O) (Het Utrechts Archief 960, inv. 176, 169). De bouwvergunning (goedgekeurd door de gemeente Hilversum dd. 11 maart 1958) van het seinrelaishuis te Hilversum voorzag in een bouwsom van fl. 40.000. Ter vergelijking: het seinrelaishuis te Naarden-Bussum is voor fl. 48.750.- (bestek 1233) in november 1958 aan Schipper en Meijerink gegund.

Aannemersbedrijf Schipper & Meijerink

Joh. Meijerink begon in 1938 voor zichzelf te Hengelo (O). Toen de oorlog voorbij was ontmoette hij aannemer Schipper uit Wierden en een jaar later werd de N.V. Aannemersbedrijf Schipper & Meijerink opgericht. Het bedrijf groeide gestaag en hield zich met name bezig in de woningbouw en utiliteitbouw. Men bouwde onder andere de Ambachtschool aan de Boddenkampsingel te Enschede en het NS station te Hengelo en studentenhuisvesting op de Universiteit Twente.

In 1954 werd de Steenfabriek N.V. Kisveld te Neede overgenomen, en omdat in Hengelo te weinig ruimte was werd het gehele bedrijf verplaatst naar Neede. Rond 1968 trok de heer Schipper zich terug uit de onderneming en Joh. Meijerink verkocht het bedrijf in de zeventiger jaren aan Nederhorst, dat later opging in het OGEM-conglomeraat.

Dit 20.000 werknemers tellende concern ging in 1982 failliet, Schipper & Meijerink meeslepende. Enkele voormalige kaderleden begonnen onder dezelfde naam in het klein opnieuw, en momenteel telt het bedrijf 17 werknemers.

NX-beveiliging

Den Bosch was het eerste Nederlandse station dat een NX-beveiliging kreeg. Een uit de Verenigde Staten afkomstig systeem waarmee het indrukken van twee knopen voldoende was om een complete rijweg in te stellen. De afkorting NX is afgeleid van de woorden eNtrance (ingang) en eXit (uitgang). Het eerste NX-systeem in Den Bosch heeft dienst­gedaan van 4 september 1950 tot 13 december 1964. Daarna kwam er een nieuwe NX-beveiliging, die inmiddels ook is verdwenen.

De Gooilijn werd eind jaren vijftig gemoderniseerd. In 1959 kregen Hilversum (op 2 maart 1959) en ook Naarden-Bussum (op 2 november 1959) moderne relaisbeveiliging. Daartoe werden nieuwe, stenen seinhuizen gebouwd (in zandgele steen), bij de grote, brede (meersporige) en lokaal bediende spoorwegovergangen. In Hilversum: Larenseweg/Stationsstraat, in Bussum: Zwarteweg/Comeniuslaan). Deze seinhuisgebouwtjes staan er nu nog, maar zijn inmiddels buiten gebruik v.w.b. bediening sinds deze emplacementen onder het computergestuurde procesleidingssysteem vanuit Amersfoort gestuurd worden sinds 16 december 1996. Alleen de in deze gebouwtjes ondergebrachte relaisapparatuur is nog operationeel en zorgt voor de feitelijke beveiliging. Het besturingssysteem zit vanaf deze laatst genoemde datum in Amersfoort op de Procesleidingspost.


Hilversum, omstreeks 1964. NX-bedieningstoestel in Post T. Rechts naar boven de spoorlijn naar Amersfoort, naar rechts de spoorlijn naar Utrecht, naar links de spoorlijn naar Amsterdam. Deze NX-post heeft dienst­gedaan van 2 maart 1959 tot 16 december 1996. Sindsdien vindt de bediening plaats vanuit Amersfoort. Foto Peter van der Vlist.


Bediening post T (NX)

De post werd in elk geval in de eerdere jaren bemand door treindienstleiders NX voor de bediening van het NX-bedieningstoestel en overwegwachters voor de bediening van de sluitbomen in de overweg Larenseweg/Stationsstraat. De overwegwachters die voorheen seinhuiswachter waren, hebben altijd hun functionele benaming behouden. De treindienstleiders draaiden in een volcontinu rooster een vroege, late en nachtdienst, met zelfs aanwezigheid in de nacht zondag op maandag waarin er geen treinverkeer was. De seinhuiswachters hadden alleen vroeg/laat-diensten; in de nachtdienst deden de treindienstleiders de overwegbediening erbij.

Het bezettingsrooster om de post te bemannen bestond oorspronkelijk uit de volgende formaties:

  • 4 vaste treindienstleiders NX;
  • 4 assistent-treindienstleiders c.q. overwegwachters voor de bediening van de overweg;
  • in een tweede rooster zaten 8 diensten. Dit waren all-round functies die op meerdere werkplekken dienst konden doen, zoals werkvoorbereiding (die toen nog lokaal werd gedaan), loket, wisselsmeren, en de reserve voor de posten T Hilversum en Naarden-Bussum bij afwezigheid wegens ziekte of verlof.

Proef Siemens-beveiliging

In de periode van 2 mei 1986 tot oktober 1992 is de post T-NX in Hilversum proefgebied geweest voor de in ontwikkeling zijnde elektronisch beveiliging van Siemens. Hierbij werden de veiligheidscircuits vervangen door elektronica. Siemens had een dergelijk systeem in het programma wat na enige aanpassingen geschikt was voor de NS. Bij de NS werd dit EBS genoemd: 'Elektronische Beveiliging Simis'. Lees meer over deze proef.



Emplacement Hilversum in de jaren twintig

Hilversum, 1925. Linksonder de overwegen in de Liebergerweg (kruising met spoorlijnen naar Amersfoort resp. Utrecht). Deze overwegen zijn later vervallen met de aanleg van de Beatrixtunnel, onder het perron van Hilversum door (rechts op de foto). In de verte de Vituskerk. Foto Aviodrome Luchtfotografie - Lelystad (archief KLM Aerocarto). Collectie Edward Bary, publicatie met toestemming van Aviodrome.

Uit bedieningsvoorschrift (BVS) Hilversum, 1923. Collectie Kees van de Meene.



Mechanische seinhuizen en wachtposten

De nieuwe Post T verving in 1959 de seinhuizen I, II, III en IV, en wachtpost Laarderweg. Ook de wachtposten 32, 32a, 33a kwamen overcompleet door invoering van het automatisch blokstelsel op de vrije baan. Deze seinhuizen en wachtposten zijn alle na de modernisering gesloopt. De seinhuizen I, II en III en post Ldw worden als gesloopt opgegeven in de maandrapporten van december 1959 (seinhuis I) en januari 1960 (de overige). Dienstwoning 31 bestaat nog als woonhuis.


Seinhuis I

Dit seinhuis stond bij de overweg Hoge Laarderweg (later: Hoge Larenseweg)/Schoolstraat, baanvak kilometrering km 28.033, nu ahob km 28.025 (km 28.0). Dit was een houten post uit 1893. Deze bediende o.a. de mechanische sluitbomen van de overweg en een aantal seinpalen en wissels (zie bronnenoverzicht) van het noordelijk emplacement. Deze post behoort tot een HSM-type dat in de jaren 90 van de negentiende eeuw o.a. te Apeldoorn, Amsterdam Rietlanden, Hoek van Holland en Kesteren is gebouwd. Het exemplaar uit laatstgenoemde plaats is bewaard en kunnen we tegenwoordig vinden bij de Stoomtram Hoorn Medemblik op het emplacement te Hoorn. Seinhuis I te Hilversum was een hoge post en was vrijwel identiek aan het seinhuis te Hoorn.


Seinhuis I te Hilversum, vermoedelijk winter 1958/1959. De ahob-installatie van de "kleine spoorbomen" is reeds geplaatst, maar staat nog ingepakt. Het muurtje rechts is de afscherming van de voetgangerstunnel. Foto collectie Edward Bary.


Post I bij de spoorwegovergang Hoge Larenseweg, augustus 1958. Werd in maart 1959 vervangen door een ahob-installatie (km 28.0) bij de modernisering van de beveiliging van de Gooilijn: NX-stationsbeveiliging en automatisch blokstelsel met daglichtseinen. De Hoge Larenseweg heette vroeger Hooge Laarderweg. Op kopspoor 9 staat stroomlijnmaterieel (mat. 1936 en 1954) geparkeerd van de dienst op Utrecht. Foto's J. Schepers, collectie Edward Bary.


Post Laarderweg

Post Laarderweg (Ldw) lag bij km 28.270 en was uitsluitend voor de bediening van de overweg km 28.260 in de Larenseweg/Stationsstraat (ook wel Laarderweg genoemd). Oorspronkelijk kruisten 7 sporen deze overweg. Wachtpost Ldw was een hoge stenen post, gebouwd omstreeks 1928/1930. Hoewel in het Streekarchief te Hilversum wel correspondentie uit 1926 aanwezig is over verbreding van de overweg Laarderweg en het daarbij plaatsen van een stenen wachtpost, ontbreken in dit archief helaas ook van dit pand de bouwaanvraag, bouwvergunning en tekeningen. Deze wachtpost was wel gebouwd volgens een standaardtype (geen type-aanduiding gevonden). Het was een type dat was ontworpen door de Staatsspoor en is later door NS overgenomen (en kwam zo ook in HSM-gebied voor). Soortgelijke wachtposten, met kleine variaties, kwamen o.a. voor in Groningen (post I: is na de Tweede Wereldoorlog in andere vorm herbouwd) en Leiden Goederen.


Hilversum, 25 juli 1958. De bediende overweg Larenseweg/Stationsstraat (ook wel Laarderweg genoemd) met de post Ldw (Laarderweg), de voetgangersspoorbrug en op de achtergrond de nieuwe stationsuitgang oostzijde. Foto Kees van de Meene.


Post Laarderweg in 1958. De ronde draaiseinen waren gekoppeld aan de overwegbediening. Foto J. Schepers.


Post Laarderweg in Hilversum, 9 december 1952. De heer J. Buys op zijn post. Veertig jaar bij het Spoor, waarvan tweeŽndertig tussen de grote spoorbomen. In de achtergrond hotel Santbergen. Door het linkerraam zien we de viskraam van Leo Poepjes. Foto Jacques Stevens, Streekarchief Gooi en Vechtstreek.


Seinhuis II (tevens Post T)

Seinhuis II was een lage, eveneens houten post en stond op het tweede perron ter hoogte van km 28.560. Dit was tevens post T, dus hier was de treindienstleider gehuisvest. Een identieke post vinden we in Kwadijk, maar deze is pas in de eerste helft van de twintigste eeuw daar geplaatst ter vervanging van een wachthuisje. Waar dit seinhuis daarvoor heeft gestaan is niet bekend. Van de seinhuizen I en II te Hilversum zijn in het Nationaal Archief tekeningen aanwezig.


Post II (tevens post T) op het tweede perron in 1958. Foto J. Schepers.


Seinhuis II aan het eind van het tweede perron. Model 1:87 op de baan van de Modelbouw Vereniging Hilversum. Foto Nico Spilt.


Seinhuis III en post Liebergerweg

Seinhuis III lag in de splitsing van de lijnen naar Baarn en Utrecht bij km 28.896/0.527. Het was een stenen seinhuis uit 1914. Ze was van het HSM-type C en was vrijwel identiek aan het in 1913 als bestek HS 1218 te Crailoo gebouwde seinhuis (dit seinhuis met de benaming “Crailoo aansluiting Stapelplaats” stond bij km 24.404). Seinhuis III bediende de seinen en wissels op het zuidelijk emplacement. Hoewel van dit type seinhuis tekeningen bestaan is een specifieke tekening van seinhuis III te Hilversum niet bekend. Ook het Streekarchief te Hilversum heeft die niet omdat de bouwaanvraag, bouwvergunning en tekeningen in dit archief ontbreken.

Post Liebergerweg, km 0.540 en nabij dienstwoning 31, bediende de sluitbomen in de overweg in de Liebergerweg. Deze overweg kwam te vervallen met de ingebruikname van de Beatrixtunnel in 1938 (zie deel 1). De bediening was seintechnisch gekoppeld met post III.


Hilversum, 25 juli 1958. Post III lag in de splitsing van de spoorlijnen naar Baarn en Blauwkapel. Foto Kees van de Meene.


Hilversum, 1947. Bedieningstoestel van post III. De seinhuiswachter is bezig met het binnennemen van een trein uit Mtk (Maartensdijk). Foto Jacques Stevens, Streekarchief Gooi en Vechtstreek.


Post III aan de Liebergerweg, situatie tot 1938. Niet zichtbaar is post Liebergerweg, die tegenover Post III stond. Van hieruit werden de overwegen bediend, evenals het draaiseinbord dat op de foto is te zien. Met draaiseinborden werd aan de machinisten kenbaar gemaakt of de overweg gesloten of geopend was. Collectie George Seppen.


Omgeving Liebergerweg, met post III en post Liebergerweg. Uit bedieningsvoorschrift (BVS) Hilversum, 1923. Collectie Kees van de Meene.


Hilversum, 1925. Overwegen in de Liebergerweg. Detail uit de hierboven geplaatste luchtfoto.


Dienstwoning 31

Hilversum, 17 februari 2007. Woning 31 stond vlak bij de vroegere overweg in de Liebergerweg. De woning wordt nu bewoond door een dochter van de baanwachter die hier vroeger woonde. Rechts naast dit huisje de oude douaneloods waar inmiddels zoveel aan verbouwd is dat deze niet meer als zodanig herkenbaar is. Foto Rienk Nauta.

Wachtpost 32 en seinhuis IV

Wachtpost 32 stond bij de Ooster Enghweg. De indienststelling van de ahob (nu km 29.555) aldaar is volgens het verslag van de bespreking van de indienststelling van het automatisch blokstelsel Crailoo – blokpost Q en de NX-beveiliging te Hilversum (dat in Het Utrechts Archief te vinden is) “…..voorzien ca. eind maart 1959”. Volgens dit verslag werd de treinaankondiging van deze post tussen 2 maart 1959 en buitendienststelling ca. eind maart als volgt ingericht. De aankondiging zijde Baarn bleef ongewijzigd maar die aan de zijde Hilversum werd volgens het verslag als volgt: “….begint bij het instellen van een rijweg naar Baarn door post T-NX en eindigt als de trein de overweg geheel overgereden heeft”.

In de blokaanbouw (km 29.574) van woning 32 was van 1894 tot 1906 blokpost “Post no. 32 (Blokpost L)” gevestigd en vanaf 1916 tot 1940 is het opnieuw in gebruik geweest als seinhuis IV.


Hilversum, 25 juli 1958. Wachtpost 32. In een aanbouw aan de kant van de spoorlijn bevond zich seinhuis IV. De fotograaf stond bij de overweg in de Ooster Enghweg. De trein rijdt richting Baarn. Foto Kees van de Meene.


Wachtpost 32A

Wachtpost 32A stond bij de overweg Oude Amersfoortscheweg. Het was een houten wachthuisje, maar wanneer geplaatst is niet bekend. Wel is bekend dat in 1920 aan de zijkant een houten privaathuisje is gemaakt en dat het wegens de verbreding van de overweg in 1930 enige meters verplaatst is naar km 0.867.

Over de indienststelling van de ahob (nu km 0.857) staat in het bovenvermelde verslag het volgende. ”Overweg Oude Amersfoortscheweg (Wp 32A) wordt door de gemeente en NS afgesloten van 27 februari tot 1 maart 9.00 uur t.b.v. werkzaamheden. Van 1 maart 9.00 uur tot 2 maart 1.05 uur is de overweg in dienst; de oude bomen zijn dan echter reeds gesloopt en de afsluiting geschiedt d.m.v. tijdelijke middelen (eventueel ketting met rode vlag/lamp). Voor bewaking krijgt Hcst (Hoofdstationschef – EB) assistentie (3 man) van Wops (Wegopzichter seinwezen – EB).” De in dienststelling van de ahob was voorzien op 2 maart 1959 om 5.00 uur.

Foto rechts: de grootvader van J.A. Seure, die als overwegwachter dienst deed bij de Oude Amersfoortscheweg. Hij had maar ťťn arm en werkte daarom samen met een collega die ook ťťn arm had. (collectie Nico Spilt)

Foto hieronder: Hilversum, 1946. Overweg in de Oude Amersfoortscheweg, met jubilerende overwegwachter. Foto Jacques Stevens, Streekarchief Gooi en Vechtstreek.



Wachtpost 33A

Wachtpost 33A stond bij de overweg Soestdijkerstraatweg en was in het dienstgebouw van de halte Soestdijkerstaatweg. Vanaf 2 maart 1959 wordt deze wachtpost blokpost met de benaming “Blokpost Soestdijker Straatweg”, de afkortingsversie is blp Sdw. Volgens bovenvermeld verslag is de ahob (nu km 1.177) “…..ca. eind mei 1959” in dienst gekomen. Hieruit kan dus geconcludeerd worden dat deze blokpost nog ca. 3 maanden de overwegbomen heeft bediend. De blokpost is in 1961 opgeheven.


Hilversum, 1938 of iets eerder. Stopplaats Soestdijkerstraatweg. Woning 33 stond bij de opgang van het perron richting Hilversum. De spoorman op klompen is in de weer met een oliekan. Het autootje rechts is een Fiat Topolino of een Simca 5 (dit zijn identieke auto's). Topolino betekent 'kleine muis'. Deze dwergauto's zijn geproduceerd vanaf 1936. De aanduiding 'stopplaats' is met de zomerdienstregeling van 1938 vervallen. Veel stopplaatsen, waar alleen op verzoek bepaalde treinen stopten, werden toen opgeheven. De resterende stopplaatsen, waaronder Hilversum Soestdijkerstraatweg, werden opgewaardeerd tot halte. In 1942 verschenen hier betonnen bovenleidingportalen. Sinds 1965 luidt de naam Hilversum Sportpark. Foto Jacques Stevens, Streekarchief Gooi en Vechtstreek.


De halte Soestdijkerstraatweg in Hilversum, 28 oktober 1952. De halte kreeg in dat jaar een stenen gebouwtje met reizigerswachtruimte, overwegbediening en loket met kaartverkoop. Het treinstel van het type materieel 1946 is op weg naar Utrecht. Het is nog in zijn oorspronkelijke kleurstelling: groen met rode frontbiezen. Aan de reconstructie van de overweg wordt gewerkt: het afgesloten boompje sluit nog geen voetpad af, dat nog moet worden aangelegd. En een mooie tweekleurige Citroen Traction Avant van na de oorlog bepaalt het straatbeeld. De foto is gemaakt vanuit het raam van woning 33. Foto Jacques Stevens, Streekarchief Gooi en Vechtstreek.




Geraadpleegde bronnen en personen

  • Met dank aan de heren Victor Lansink, Kees van de Meene, Jacques Klok, Erik Louw, Adriaan Pothuizen die behulpzaam zijn geweest bij het samenstellen; in het bijzonder m.b.t. de gevonden archiefstukken zijn deze deskundigen mij zeer van dienst geweest en hebben veel feiten en documenten aangedragen. Van hun research en collecties mocht ik gebruik maken.
  • Aannemingsbedrijf Schipper & Meijerink BV – Neede, www.schipper-meijerink.nl; de heer Henk Bokdam zocht in oude archieven.
  • Streekarchief Gooi en Vechtstreek te Hilversum (Oude Enghweg); vele gemeentelijke documenten werden geraadpleegd. Met dank aan Mevr. E.I. de Haart. In het Streekarchief Gooi en Vechtstreek te Hilversum bevinden zich ook stukken over dit seinhuis. De bouwaanvraag en bouwvergunning (verleend op 11 maart 1958 onder nummer 1958/66) zijn te vinden in het bouwarchief van de Gemeente Hilversum in dossiernummer: 9602. De tekeningen zijn op microfiche gezet en te vinden onder de fichenummers: 71766 t/m 71769.
  • Het Utrechts Archief (HUA), www.hetutrechtsarchief.nl. Wat betreft de afbraak van de posten nog het volgende: In het Utrechts Archief bevindt zich in toegangsnummer 943 / inventarisnummer 1533 (Dossiers inzake wijzigingen en modernisering van baanvakken en stations) een verslag van een bespreking op 5 februari 1959 over de indienststelling van het automatisch blokstelsel Crailoo – blokpost Q en de NX beveiliging te Hilversum. Hierin staat ondermeer dat de overweg Hoge Larenseweg van 2 maart 1959 1.05 uur tot 7 maart 16.00 uur (indienstelling ahob) afgesloten wordt t.b.v. werkzaamheden gemeente en NS met daarachter tussen haakjes de opmerking “o.a. slopen seinhuis I”.
  • Het Nationaal Archief (HNA), www.beeldbank.nationaalarchief.nl. Van de seinhuizen I en II te Hilversum zijn in Het Nationaal Archief tekeningen aanwezig. De tekening van seinhuis I is te vinden in toegangsnummer 2.16.23.01 / inventarisnummer 1290 en die van seinhuis II in toegangsnummer 2.16.23.01 / inventarisnummer 1268 of 1270.
  • Website van Sven Zeegers, www.sporenplan.nl. Stationsrelaisbeveiligingen, beschrijving elektronische beveiligingen, o.a. EBP, EBS, VPI. Ook NX- en AR-systemen.
  • ProRail ben ik dank verschuldigd voor het achterhalen van dienstroosters.
  • In Maandblad Op de Rails 1987 blz. 7 en 1995 blz. 95 van de NVBS staan artikelen over elektronische beveiligingen.
  • BVS Hilversum uit 1923, Wegwijzer Hilversum 1952.
  • Voor de werkwijze en bediening van mechanische beveiligingen zijn eerder uitgebreide publicaties van andere auteurs verschenen: Railhobby Seinenspecial 2 uit 1993, blz. 7 en verder, NVBS/Op de Rails Seinwezennummer 1980.
  • NVBS Jubileumboek 2006: “Sporen van Verandering” (Illya Vaes) – pagina’s 136-169/ Uitgeverij De Alk BV – Alkmaar – ISBN 90 6013 283 1.
  • Jaarverslagen NS, diverse jaren.
  • Maandblad Op de Rails 2007-5, blz. 176 van de NVBS: de Marshall-hulp was een Amerikaans Economic Recovery Program waarbij – in het kader van de naoorlogse wederopbouw – het vanaf 1947 mogelijk was renteloze leningen te verkrijgen en compensatieorders te plaatsen in de Verenigde Staten om de economie te versterken. De Nederlandse overheid maakte hiervan gebruik en de NS werd opgedragen bestellingen te plaatsen in de VS en de daar ontwikkelde technologie te gebruiken. De aanschaf van de 25 elektrische locomotieven serie 1200 was daar een voorbeeld van. Ook de NX-relaistechniek werd geÔmporteerd.
  • Aviodrome Luchtfotografie – Lelystad (collectie KLM Aerocarto).



vorige       start       omhoog